Permacultuur principe 7. Ontwerp van (natuurlijke) patronen naar details

Van groot naar klein

Wanneer we een ontwerp maken beginnen we met het maken van een totaalplaatje. We beginnen met de grote lijnen, alvorens te verzanden in de details voor een deel van het ontwerp. Uitzoomen voordat we in zoomen. We beginnen met de hoofdlijnen, de routing en de plaatsing van de belangrijkste elementen zoals een huis of andere vaste structuren. Vanaf daar gaan we verfijnen, komen de kleinere paden, de tuinen, het terras etc. Waarna er op plantniveau gekeken wordt en de verschillende lagen van beplanting invulling krijgen.

Bij het ontwerp van een voedselbos wordt eerst gekeken naar de grote bomen om vervolgens naar de kleinere bomen, de struiken, de kruiden en de bodembedekkers te kijken. Ook hier ontwerpen we van groot naar klein.

Patronen uit de natuur

Wanneer we ontwerpen proberen we natuurlijke patronen te gebruiken. Dat kan op verschillende manieren opgevat worden. Bijvoorbeeld het gebruik van een boomstructuur met vertakkingen om de paden mee vorm te geven. De brede paden voor intensief gebruik die steeds verder vertakken tot extensief gebruik. Dit natuurlijke patroon met de natuurlijke transport functie geeft een natuurlijker karakter aan de plek. De spiraalvorm zorgt voor bescherming, oppervlakte verkleining en warmte behoud. Een eivorm geeft bescherming en stevigheid. Zo kun je op verschillende manieren naar veelvoorkomende patronen uit de natuur kijken en deze gebruiken in je ontwerpen. Ontwerpprincipe 1, observatie, helpt ons bewuster te zijn van de functionaliteit van de patronen in de natuur.

IIn de onderstaande video kun je zien hoe bepaalde patronen steeds terugkomen in de natuur.

Zones

Een andere manier om van patroon naar detail te werken is om eerst de zones van de te ontwerpen plaats vast te leggen. Zone 1 is daarbij het huis, de plek waar je de meeste tijd doorbrengt. Zone 2 is het terras en wellicht de moestuin. Zone 3 voor de gewassen en dieren die niet zo veel aandacht behoeven, zone 4 bijvoorbeeld het voedselbos en zone 5 staat voor de ongerepte natuur die we graag ongestoord laten en waar we observaties kunnen maken om van te leren.  Wanneer de zonering duidelijk is kunnen we de verschillende zones verder in gaan vullen.

Read More

Permacultuur principe 6. Produceer geen afval, maak kringlopen.

Van groot naar klein

Wanneer we een ontwerp maken beginnen we met het maken van een totaalplaatje. We beginnen met de grote lijnen, alvorens te verzanden in de details voor een deel van het ontwerp. Uitzoomen voordat we in zoomen. We beginnen met de hoofdlijnen, de routing en de plaatsing van de belangrijkste elementen zoals een huis of andere vaste structuren. Vanaf daar gaan we verfijnen, komen de kleinere paden, de tuinen, het terras etc. Waarna er op plantniveau gekeken wordt en de verschillende lagen van beplanting invulling krijgen.

Bij het ontwerp van een voedselbos wordt eerst gekeken naar de grote bomen om vervolgens naar de kleinere bomen, de struiken, de kruiden en de bodembedekkers te kijken. Ook hier ontwerpen we van groot naar klein.

Patronen uit de natuur

Wanneer we ontwerpen proberen we natuurlijke patronen te gebruiken. Dat kan op verschillende manieren opgevat worden. Bijvoorbeeld het gebruik van een boomstructuur met vertakkingen om de paden mee vorm te geven. De brede paden voor intensief gebruik die steeds verder vertakken tot extensief gebruik. Dit natuurlijke patroon met de natuurlijke transport functie geeft een natuurlijker karakter aan de plek. De spiraalvorm zorgt voor bescherming, oppervlakte verkleining en warmte behoud. Een eivorm geeft bescherming en stevigheid. Zo kun je op verschillende manieren naar veelvoorkomende patronen uit de natuur kijken en deze gebruiken in je ontwerpen. Ontwerpprincipe 1, observatie, helpt ons bewuster te zijn van de functionaliteit van de patronen in de natuur.

IIn de onderstaande video kun je zien hoe bepaalde patronen steeds terugkomen in de natuur.

Zones

Een andere manier om van patroon naar detail te werken is om eerst de zones van de te ontwerpen plaats vast te leggen. Zone 1 is daarbij het huis, de plek waar je de meeste tijd doorbrengt. Zone 2 is het terras en wellicht de moestuin. Zone 3 voor de gewassen en dieren die niet zo veel aandacht behoeven, zone 4 bijvoorbeeld het voedselbos en zone 5 staat voor de ongerepte natuur die we graag ongestoord laten en waar we observaties kunnen maken om van te leren.  Wanneer de zonering duidelijk is kunnen we de verschillende zones verder in gaan vullen.

Read More

Permacultuur principe 5. Gebruik en waardeer hernieuwbare grondstoffen en diensten.

Van groot naar klein

Wanneer we een ontwerp maken beginnen we met het maken van een totaalplaatje. We beginnen met de grote lijnen, alvorens te verzanden in de details voor een deel van het ontwerp. Uitzoomen voordat we in zoomen. We beginnen met de hoofdlijnen, de routing en de plaatsing van de belangrijkste elementen zoals een huis of andere vaste structuren. Vanaf daar gaan we verfijnen, komen de kleinere paden, de tuinen, het terras etc. Waarna er op plantniveau gekeken wordt en de verschillende lagen van beplanting invulling krijgen.

Bij het ontwerp van een voedselbos wordt eerst gekeken naar de grote bomen om vervolgens naar de kleinere bomen, de struiken, de kruiden en de bodembedekkers te kijken. Ook hier ontwerpen we van groot naar klein.

Patronen uit de natuur

Wanneer we ontwerpen proberen we natuurlijke patronen te gebruiken. Dat kan op verschillende manieren opgevat worden. Bijvoorbeeld het gebruik van een boomstructuur met vertakkingen om de paden mee vorm te geven. De brede paden voor intensief gebruik die steeds verder vertakken tot extensief gebruik. Dit natuurlijke patroon met de natuurlijke transport functie geeft een natuurlijker karakter aan de plek. De spiraalvorm zorgt voor bescherming, oppervlakte verkleining en warmte behoud. Een eivorm geeft bescherming en stevigheid. Zo kun je op verschillende manieren naar veelvoorkomende patronen uit de natuur kijken en deze gebruiken in je ontwerpen. Ontwerpprincipe 1, observatie, helpt ons bewuster te zijn van de functionaliteit van de patronen in de natuur.

IIn de onderstaande video kun je zien hoe bepaalde patronen steeds terugkomen in de natuur.

Zones

Een andere manier om van patroon naar detail te werken is om eerst de zones van de te ontwerpen plaats vast te leggen. Zone 1 is daarbij het huis, de plek waar je de meeste tijd doorbrengt. Zone 2 is het terras en wellicht de moestuin. Zone 3 voor de gewassen en dieren die niet zo veel aandacht behoeven, zone 4 bijvoorbeeld het voedselbos en zone 5 staat voor de ongerepte natuur die we graag ongestoord laten en waar we observaties kunnen maken om van te leren.  Wanneer de zonering duidelijk is kunnen we de verschillende zones verder in gaan vullen.

Read More

Permacultuur principe 4. Gebruik zelfregulering en accepteer terugkoppeling

Van groot naar klein

Wanneer we een ontwerp maken beginnen we met het maken van een totaalplaatje. We beginnen met de grote lijnen, alvorens te verzanden in de details voor een deel van het ontwerp. Uitzoomen voordat we in zoomen. We beginnen met de hoofdlijnen, de routing en de plaatsing van de belangrijkste elementen zoals een huis of andere vaste structuren. Vanaf daar gaan we verfijnen, komen de kleinere paden, de tuinen, het terras etc. Waarna er op plantniveau gekeken wordt en de verschillende lagen van beplanting invulling krijgen.

Bij het ontwerp van een voedselbos wordt eerst gekeken naar de grote bomen om vervolgens naar de kleinere bomen, de struiken, de kruiden en de bodembedekkers te kijken. Ook hier ontwerpen we van groot naar klein.

Patronen uit de natuur

Wanneer we ontwerpen proberen we natuurlijke patronen te gebruiken. Dat kan op verschillende manieren opgevat worden. Bijvoorbeeld het gebruik van een boomstructuur met vertakkingen om de paden mee vorm te geven. De brede paden voor intensief gebruik die steeds verder vertakken tot extensief gebruik. Dit natuurlijke patroon met de natuurlijke transport functie geeft een natuurlijker karakter aan de plek. De spiraalvorm zorgt voor bescherming, oppervlakte verkleining en warmte behoud. Een eivorm geeft bescherming en stevigheid. Zo kun je op verschillende manieren naar veelvoorkomende patronen uit de natuur kijken en deze gebruiken in je ontwerpen. Ontwerpprincipe 1, observatie, helpt ons bewuster te zijn van de functionaliteit van de patronen in de natuur.

IIn de onderstaande video kun je zien hoe bepaalde patronen steeds terugkomen in de natuur.

Zones

Een andere manier om van patroon naar detail te werken is om eerst de zones van de te ontwerpen plaats vast te leggen. Zone 1 is daarbij het huis, de plek waar je de meeste tijd doorbrengt. Zone 2 is het terras en wellicht de moestuin. Zone 3 voor de gewassen en dieren die niet zo veel aandacht behoeven, zone 4 bijvoorbeeld het voedselbos en zone 5 staat voor de ongerepte natuur die we graag ongestoord laten en waar we observaties kunnen maken om van te leren.  Wanneer de zonering duidelijk is kunnen we de verschillende zones verder in gaan vullen.

Read More

Permacultuur principe 3. Zorg voor opbrengst.

Van groot naar klein

Wanneer we een ontwerp maken beginnen we met het maken van een totaalplaatje. We beginnen met de grote lijnen, alvorens te verzanden in de details voor een deel van het ontwerp. Uitzoomen voordat we in zoomen. We beginnen met de hoofdlijnen, de routing en de plaatsing van de belangrijkste elementen zoals een huis of andere vaste structuren. Vanaf daar gaan we verfijnen, komen de kleinere paden, de tuinen, het terras etc. Waarna er op plantniveau gekeken wordt en de verschillende lagen van beplanting invulling krijgen.

Bij het ontwerp van een voedselbos wordt eerst gekeken naar de grote bomen om vervolgens naar de kleinere bomen, de struiken, de kruiden en de bodembedekkers te kijken. Ook hier ontwerpen we van groot naar klein.

Patronen uit de natuur

Wanneer we ontwerpen proberen we natuurlijke patronen te gebruiken. Dat kan op verschillende manieren opgevat worden. Bijvoorbeeld het gebruik van een boomstructuur met vertakkingen om de paden mee vorm te geven. De brede paden voor intensief gebruik die steeds verder vertakken tot extensief gebruik. Dit natuurlijke patroon met de natuurlijke transport functie geeft een natuurlijker karakter aan de plek. De spiraalvorm zorgt voor bescherming, oppervlakte verkleining en warmte behoud. Een eivorm geeft bescherming en stevigheid. Zo kun je op verschillende manieren naar veelvoorkomende patronen uit de natuur kijken en deze gebruiken in je ontwerpen. Ontwerpprincipe 1, observatie, helpt ons bewuster te zijn van de functionaliteit van de patronen in de natuur.

IIn de onderstaande video kun je zien hoe bepaalde patronen steeds terugkomen in de natuur.

Zones

Een andere manier om van patroon naar detail te werken is om eerst de zones van de te ontwerpen plaats vast te leggen. Zone 1 is daarbij het huis, de plek waar je de meeste tijd doorbrengt. Zone 2 is het terras en wellicht de moestuin. Zone 3 voor de gewassen en dieren die niet zo veel aandacht behoeven, zone 4 bijvoorbeeld het voedselbos en zone 5 staat voor de ongerepte natuur die we graag ongestoord laten en waar we observaties kunnen maken om van te leren.  Wanneer de zonering duidelijk is kunnen we de verschillende zones verder in gaan vullen.

Read More

Permacultuur principe 2. Vang energie en sla deze op.

Van groot naar klein

Wanneer we een ontwerp maken beginnen we met het maken van een totaalplaatje. We beginnen met de grote lijnen, alvorens te verzanden in de details voor een deel van het ontwerp. Uitzoomen voordat we in zoomen. We beginnen met de hoofdlijnen, de routing en de plaatsing van de belangrijkste elementen zoals een huis of andere vaste structuren. Vanaf daar gaan we verfijnen, komen de kleinere paden, de tuinen, het terras etc. Waarna er op plantniveau gekeken wordt en de verschillende lagen van beplanting invulling krijgen.

Bij het ontwerp van een voedselbos wordt eerst gekeken naar de grote bomen om vervolgens naar de kleinere bomen, de struiken, de kruiden en de bodembedekkers te kijken. Ook hier ontwerpen we van groot naar klein.

Patronen uit de natuur

Wanneer we ontwerpen proberen we natuurlijke patronen te gebruiken. Dat kan op verschillende manieren opgevat worden. Bijvoorbeeld het gebruik van een boomstructuur met vertakkingen om de paden mee vorm te geven. De brede paden voor intensief gebruik die steeds verder vertakken tot extensief gebruik. Dit natuurlijke patroon met de natuurlijke transport functie geeft een natuurlijker karakter aan de plek. De spiraalvorm zorgt voor bescherming, oppervlakte verkleining en warmte behoud. Een eivorm geeft bescherming en stevigheid. Zo kun je op verschillende manieren naar veelvoorkomende patronen uit de natuur kijken en deze gebruiken in je ontwerpen. Ontwerpprincipe 1, observatie, helpt ons bewuster te zijn van de functionaliteit van de patronen in de natuur.

IIn de onderstaande video kun je zien hoe bepaalde patronen steeds terugkomen in de natuur.

Zones

Een andere manier om van patroon naar detail te werken is om eerst de zones van de te ontwerpen plaats vast te leggen. Zone 1 is daarbij het huis, de plek waar je de meeste tijd doorbrengt. Zone 2 is het terras en wellicht de moestuin. Zone 3 voor de gewassen en dieren die niet zo veel aandacht behoeven, zone 4 bijvoorbeeld het voedselbos en zone 5 staat voor de ongerepte natuur die we graag ongestoord laten en waar we observaties kunnen maken om van te leren.  Wanneer de zonering duidelijk is kunnen we de verschillende zones verder in gaan vullen.

Read More

Permacultuur principe 1. Observeer en handel ernaar

Van groot naar klein

Wanneer we een ontwerp maken beginnen we met het maken van een totaalplaatje. We beginnen met de grote lijnen, alvorens te verzanden in de details voor een deel van het ontwerp. Uitzoomen voordat we in zoomen. We beginnen met de hoofdlijnen, de routing en de plaatsing van de belangrijkste elementen zoals een huis of andere vaste structuren. Vanaf daar gaan we verfijnen, komen de kleinere paden, de tuinen, het terras etc. Waarna er op plantniveau gekeken wordt en de verschillende lagen van beplanting invulling krijgen.

Bij het ontwerp van een voedselbos wordt eerst gekeken naar de grote bomen om vervolgens naar de kleinere bomen, de struiken, de kruiden en de bodembedekkers te kijken. Ook hier ontwerpen we van groot naar klein.

Patronen uit de natuur

Wanneer we ontwerpen proberen we natuurlijke patronen te gebruiken. Dat kan op verschillende manieren opgevat worden. Bijvoorbeeld het gebruik van een boomstructuur met vertakkingen om de paden mee vorm te geven. De brede paden voor intensief gebruik die steeds verder vertakken tot extensief gebruik. Dit natuurlijke patroon met de natuurlijke transport functie geeft een natuurlijker karakter aan de plek. De spiraalvorm zorgt voor bescherming, oppervlakte verkleining en warmte behoud. Een eivorm geeft bescherming en stevigheid. Zo kun je op verschillende manieren naar veelvoorkomende patronen uit de natuur kijken en deze gebruiken in je ontwerpen. Ontwerpprincipe 1, observatie, helpt ons bewuster te zijn van de functionaliteit van de patronen in de natuur.

IIn de onderstaande video kun je zien hoe bepaalde patronen steeds terugkomen in de natuur.

Zones

Een andere manier om van patroon naar detail te werken is om eerst de zones van de te ontwerpen plaats vast te leggen. Zone 1 is daarbij het huis, de plek waar je de meeste tijd doorbrengt. Zone 2 is het terras en wellicht de moestuin. Zone 3 voor de gewassen en dieren die niet zo veel aandacht behoeven, zone 4 bijvoorbeeld het voedselbos en zone 5 staat voor de ongerepte natuur die we graag ongestoord laten en waar we observaties kunnen maken om van te leren.  Wanneer de zonering duidelijk is kunnen we de verschillende zones verder in gaan vullen.

Read More

Permacultuur ontwerpprincipes overzicht

Van groot naar klein

Wanneer we een ontwerp maken beginnen we met het maken van een totaalplaatje. We beginnen met de grote lijnen, alvorens te verzanden in de details voor een deel van het ontwerp. Uitzoomen voordat we in zoomen. We beginnen met de hoofdlijnen, de routing en de plaatsing van de belangrijkste elementen zoals een huis of andere vaste structuren. Vanaf daar gaan we verfijnen, komen de kleinere paden, de tuinen, het terras etc. Waarna er op plantniveau gekeken wordt en de verschillende lagen van beplanting invulling krijgen.

Bij het ontwerp van een voedselbos wordt eerst gekeken naar de grote bomen om vervolgens naar de kleinere bomen, de struiken, de kruiden en de bodembedekkers te kijken. Ook hier ontwerpen we van groot naar klein.

Patronen uit de natuur

Wanneer we ontwerpen proberen we natuurlijke patronen te gebruiken. Dat kan op verschillende manieren opgevat worden. Bijvoorbeeld het gebruik van een boomstructuur met vertakkingen om de paden mee vorm te geven. De brede paden voor intensief gebruik die steeds verder vertakken tot extensief gebruik. Dit natuurlijke patroon met de natuurlijke transport functie geeft een natuurlijker karakter aan de plek. De spiraalvorm zorgt voor bescherming, oppervlakte verkleining en warmte behoud. Een eivorm geeft bescherming en stevigheid. Zo kun je op verschillende manieren naar veelvoorkomende patronen uit de natuur kijken en deze gebruiken in je ontwerpen. Ontwerpprincipe 1, observatie, helpt ons bewuster te zijn van de functionaliteit van de patronen in de natuur.

IIn de onderstaande video kun je zien hoe bepaalde patronen steeds terugkomen in de natuur.

Zones

Een andere manier om van patroon naar detail te werken is om eerst de zones van de te ontwerpen plaats vast te leggen. Zone 1 is daarbij het huis, de plek waar je de meeste tijd doorbrengt. Zone 2 is het terras en wellicht de moestuin. Zone 3 voor de gewassen en dieren die niet zo veel aandacht behoeven, zone 4 bijvoorbeeld het voedselbos en zone 5 staat voor de ongerepte natuur die we graag ongestoord laten en waar we observaties kunnen maken om van te leren.  Wanneer de zonering duidelijk is kunnen we de verschillende zones verder in gaan vullen.

Read More

Dragon Dreaming Kapeltuin

Van groot naar klein

Wanneer we een ontwerp maken beginnen we met het maken van een totaalplaatje. We beginnen met de grote lijnen, alvorens te verzanden in de details voor een deel van het ontwerp. Uitzoomen voordat we in zoomen. We beginnen met de hoofdlijnen, de routing en de plaatsing van de belangrijkste elementen zoals een huis of andere vaste structuren. Vanaf daar gaan we verfijnen, komen de kleinere paden, de tuinen, het terras etc. Waarna er op plantniveau gekeken wordt en de verschillende lagen van beplanting invulling krijgen.

Bij het ontwerp van een voedselbos wordt eerst gekeken naar de grote bomen om vervolgens naar de kleinere bomen, de struiken, de kruiden en de bodembedekkers te kijken. Ook hier ontwerpen we van groot naar klein.

Patronen uit de natuur

Wanneer we ontwerpen proberen we natuurlijke patronen te gebruiken. Dat kan op verschillende manieren opgevat worden. Bijvoorbeeld het gebruik van een boomstructuur met vertakkingen om de paden mee vorm te geven. De brede paden voor intensief gebruik die steeds verder vertakken tot extensief gebruik. Dit natuurlijke patroon met de natuurlijke transport functie geeft een natuurlijker karakter aan de plek. De spiraalvorm zorgt voor bescherming, oppervlakte verkleining en warmte behoud. Een eivorm geeft bescherming en stevigheid. Zo kun je op verschillende manieren naar veelvoorkomende patronen uit de natuur kijken en deze gebruiken in je ontwerpen. Ontwerpprincipe 1, observatie, helpt ons bewuster te zijn van de functionaliteit van de patronen in de natuur.

IIn de onderstaande video kun je zien hoe bepaalde patronen steeds terugkomen in de natuur.

Zones

Een andere manier om van patroon naar detail te werken is om eerst de zones van de te ontwerpen plaats vast te leggen. Zone 1 is daarbij het huis, de plek waar je de meeste tijd doorbrengt. Zone 2 is het terras en wellicht de moestuin. Zone 3 voor de gewassen en dieren die niet zo veel aandacht behoeven, zone 4 bijvoorbeeld het voedselbos en zone 5 staat voor de ongerepte natuur die we graag ongestoord laten en waar we observaties kunnen maken om van te leren.  Wanneer de zonering duidelijk is kunnen we de verschillende zones verder in gaan vullen.

Read More

Jaar van de bodem 2015

Van groot naar klein

Wanneer we een ontwerp maken beginnen we met het maken van een totaalplaatje. We beginnen met de grote lijnen, alvorens te verzanden in de details voor een deel van het ontwerp. Uitzoomen voordat we in zoomen. We beginnen met de hoofdlijnen, de routing en de plaatsing van de belangrijkste elementen zoals een huis of andere vaste structuren. Vanaf daar gaan we verfijnen, komen de kleinere paden, de tuinen, het terras etc. Waarna er op plantniveau gekeken wordt en de verschillende lagen van beplanting invulling krijgen.

Bij het ontwerp van een voedselbos wordt eerst gekeken naar de grote bomen om vervolgens naar de kleinere bomen, de struiken, de kruiden en de bodembedekkers te kijken. Ook hier ontwerpen we van groot naar klein.

Patronen uit de natuur

Wanneer we ontwerpen proberen we natuurlijke patronen te gebruiken. Dat kan op verschillende manieren opgevat worden. Bijvoorbeeld het gebruik van een boomstructuur met vertakkingen om de paden mee vorm te geven. De brede paden voor intensief gebruik die steeds verder vertakken tot extensief gebruik. Dit natuurlijke patroon met de natuurlijke transport functie geeft een natuurlijker karakter aan de plek. De spiraalvorm zorgt voor bescherming, oppervlakte verkleining en warmte behoud. Een eivorm geeft bescherming en stevigheid. Zo kun je op verschillende manieren naar veelvoorkomende patronen uit de natuur kijken en deze gebruiken in je ontwerpen. Ontwerpprincipe 1, observatie, helpt ons bewuster te zijn van de functionaliteit van de patronen in de natuur.

IIn de onderstaande video kun je zien hoe bepaalde patronen steeds terugkomen in de natuur.

Zones

Een andere manier om van patroon naar detail te werken is om eerst de zones van de te ontwerpen plaats vast te leggen. Zone 1 is daarbij het huis, de plek waar je de meeste tijd doorbrengt. Zone 2 is het terras en wellicht de moestuin. Zone 3 voor de gewassen en dieren die niet zo veel aandacht behoeven, zone 4 bijvoorbeeld het voedselbos en zone 5 staat voor de ongerepte natuur die we graag ongestoord laten en waar we observaties kunnen maken om van te leren.  Wanneer de zonering duidelijk is kunnen we de verschillende zones verder in gaan vullen.

Read More

Het gebruik van onze community is volgens ons huisreglement.

Wat zeggen onze cursisten over ons?

Benieuwd naar wat de cursussen je te bieden hebben?
Swipe hieronder om de ervaringen van onze cursisten te lezen.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief!

Op de hoogte blijven van ons nieuws en cursussen? Schrijf je hier in voor onze nieuwsbrief!